De Rolex-oprichter legde het in 1927 al uit: “We weten allemaal dat de draaipunten op olie moeten draaien. En olie trekt al die fijne stofdeeltjes aan die voortdurend, al is het maar in piepkleine hoeveelheden, in alle onderdelen van het horloge doordringen, hoe goed de kast ook in elkaar zit.
Het draaien van de draaipunten verandert de olie geleidelijk aan in een pasta die steeds dikker wordt en waar steeds meer stof in wordt vermengd.
Deze pasta werkt als een soort schuurpapier op de ragfijne draaipunten en rondsels, die hierdoor geleidelijk slijten – een heel klein beetje maar natuurlijk, maar wel genoeg om het uurwerk onbetrouwbaar te maken. […] Onze Oyster laat absoluut geen stof binnen en geeft dus altijd perfect de tijd aan.”