Eerst wordt het uurwerk zelf getest op de criteria waaronder een polshorloge de aanduiding ‘chronometer’ mag dragen.
Hierbij wordt een maximale afwijking van –4 en +6 seconden per dag als tolerantiecriterium aangehouden. Nadat het uurwerk in de kast is geplaatst, wordt de nauwkeurigheid van het afgewerkte horloge getest volgens een door Rolex ontwikkeld protocol waarin de daadwerkelijke omstandigheden tijdens het dragen worden gesimuleerd. Hierbij tolereert het merk een veel kleinere maximale afwijking: –2/+2 seconden per dag.