Explorer en Explorer II
Een levend laboratoriumDe Oyster Perpetual Explorer en de Explorer II belichamen beide de geest van avontuur en de uitdaging om je eigen grenzen te verleggen. Ze zijn ontworpen voor optimale prestaties in de extreemste omstandigheden en ze vormen een unieke standaard in horlogemaken dankzij hun robuustheid, afleesbaarheid en betrouwbaarheid. Hun prestaties zijn getest aan de polsen van pioniers en wetenschappers die van de wereld een levensecht laboratorium hebben gemaakt.
Eerste expedities
Vanaf de jaren dertig vertrouwde Rolex Oyster-horloges toe aan baanbrekende ontdekkingsreizigers. Deze horloges vergezelden talloze expedities onder uitdagende weersomstandigheden, van de poolgebieden tot de hoogste bergen. De praktische feedback van deze avonturiers bleek essentieel voor het optimaliseren en verbeteren van de betrouwbaarheid van Rolex-horloges die voor exploraties waren gemaakt.
1930
De geboorte van de Explorer
Op 29 mei 1953 om 11.30 uur bereikten Sir Edmund Hillary en Tenzing Norgay als eersten de 8.848 meter hoge top van Mount Everest. Ze maakten deel uit van een Britse expeditie onder leiding van Sir John Hunt en waren uitgerust met Oyster Perpetual-chronometers.
In het kielzog van deze historische prestatie onthulde Rolex de Explorer, een van de eerste multifunctionele horloges van Rolex. De Explorer was ontworpen voor optimale afleesbaarheid en viel op dankzij de duidelijke uurmarkeringen: cijfers voor 3, 6 en 9 uur, staafmarkeringen en een driehoek voor 12 uur.
1953
Precisie op de top
Een Italiaanse expeditie uitgerust met Oyster Perpetual Explorer-horloges bedwong de K2, met 8.611 meter de op één na hoogste berg ter wereld. Achille Compagnoni, een van de mannen die de top bereikten, schreef achteraf: “Ik heb uw Rolex-horloge gedurende de gehele expeditie om gehad en het bleef perfect lopen, zelfs boven de 8.000 meter.”
1954
Prestaties op grote hoogte
De Kangchenjunga, met 8.586 meter de op twee na hoogste top ter wereld, werd voor het eerst bedwongen. Verschillende leden van de Britse expeditie waren uitgerust met Rolex-horloges. Onder hen was geoloog en bergbeklimmer George C. Band, die later vertelde: “Ik droeg mijn Rolex Explorer gedurende deze hele expeditie [...] Het hield de tijd goed bij, het wond zichzelf op en niets leek het te schaden.”
1955
De uitdaging van het verre noorden
Rolex rustte de leden van de Britse trans-Arctische expeditie uit met Explorer-horloges. Hun zestien maanden durende tocht van bijna 6.000 kilometer bracht hen van Point Barrow in Alaska naar Spitsbergen in Noorwegen. Het was de eerste overtocht van de Noordelijke IJszee over land. Deze expeditie naar de Noordpool, die onder leiding stond van Wally Herbert, samen met Allan Gill, Kenneth Hedges en Roy Koerner, werd afgerond op 6 april 1969, nadat de expeditieleden gedurende de winter op drijfijs hadden gekampeerd.
1969
Explorer II: een nieuwe standaard
Deze nieuwe Explorer II was herkenbaar aan zijn extra oranje 24-uurswijzer en een vaste gegradueerde bezel, waarmee de drager het verschil tussen dag en nacht kon zien. Dit horloge was ontworpen om ontdekkingsreizigers en wetenschappers optimaal te ondersteunen wanneer zij voor hun navigatie niet langer op de natuurlijke elementen konden vertrouwen. De Explorer II toonde daarnaast de datum, een essentieel detail voor wie het verschil tussen dag en nacht niet meer kon zien.
1971
De kracht van de elementen
De befaamde vulkanoloog Haroun Tazieff voerde zijn onderzoek uit onder omstandigheden die werden gekenmerkt door extreme temperaturen en corrosieve gassen. Zijn Explorer II, die over een thermopak werd gedragen, vergezelde hem naar het hart van de onherbergzaamste vulkanische omgevingen. In 1972 zei hij tegen Rolex: “Mijn horloge is zojuist met vlag en wimpel geslaagd voor zijn eerste – loodzware – vulkaantest, in zeer agressieve gassen op de vulkaan Etna. Het werkte perfect, in tegenstelling tot de horloges van mijn teamgenoten.”
1972
Nieuw uurwerk, nieuwe functies
De Explorer II bereikte een belangrijke mijlpaal in zijn technische ontwikkeling. Het beschikte nu over een krasbestendiger saffierglas en een nieuw uurwerk waarmee de uurwijzer onafhankelijk van de minuutwijzer en de 24-uurswijzer kon worden ingesteld. Dankzij deze innovatie kon er tegelijkertijd een tweede tijdzone worden getoond, waarmee de functionaliteit van dit multifunctionele horloge werd uitgebreid.
1982
Bedwinging van de drie polen
De Noor Erling Kagge schreef geschiedenis door als eerste mens de zogeheten ‘drie extremen’ of ‘drie polen’ te bedwingen: de beide polen en de top van Mount Everest. In 1990 skiede hij zonder hulp van buitenaf naar de Noordpool. In 1993 bereikte hij de Zuidpool nadat hij meer dan vijftig dagen alleen had doorgebracht en een afstand van 1.300 kilometer had afgelegd. In 1994 bereikte hij ten slotte de top van Mount Everest. Tijdens alle drie de prestaties droeg hij een Explorer II om zijn pols.
1994
Grenzen verleggen
Ed Viesturs, een grootheid in het bergbeklimmen op grote hoogte, voltooide zijn bijzondere ‘Endeavor 8000’-project met een Explorer II om de pols. Na jaren van expedities werd hij daarmee de eerste Amerikaan die de veertien hoogste toppen ter wereld (allemaal hoger dan 8.000 meter) beklom zonder extra zuurstof.
Tijdens mijn expedities heeft de Explorer II een belangrijke bijdrage geleverd aan mijn succes en mij zelfs geholpen te overleven. Tijd was een essentiële factor bij al mijn beslissingen.
2005
Verbeterde afleesbaarheid
Vanaf 2010 werd de afleesbaarheid van de Explorer- en Explorer II-modellen verder verbeterd dankzij het Chromalight-display. Het display was stralend wit bij daglicht en het lichtgevende materiaal dat op de uurmarkeringen en wijzers was aangebracht, gaf een continue blauwe gloed af in het donker voor duidelijke afleesbaarheid in omstandigheden met weinig licht.
2010
Een hernieuwde pioniersgeest
Ter gelegenheid van zijn veertigste verjaardag werd de Explorer II aanzienlijk gemoderniseerd. De diameter van de kast werd vergroot tot 42 mm voor een betere afleesbaarheid en om het horloge nog beter tot zijn recht te laten komen om de pols. De oranje 24-uurswijzer, een kenmerkend detail van het oorspronkelijke model uit 1971 dat eerder uit productie was genomen, werd opnieuw geïntroduceerd om de link van het horloge met het oorspronkelijke model te benadrukken. Het horloge was uitgerust met een kaliber 3187 en bevatte innovaties zoals de Parachrom-spiraalveer en Paraflex-schokdempers voor betere bescherming tegen schokken en temperatuurwisselingen.
2011
Een vleugje raffinement
Met de nieuw ontworpen kasten, verbeterde afleesbaarheid en hoogwaardige uurwerken creëerde Rolex een nieuwe generatie van de Explorer en de Explorer II. De Explorer was vanaf nu beschikbaar in onder andere een gele Rolesor-versie, waarmee een vleugje raffinement werd geïntroduceerd in een horloge dat nog steeds trouw was aan zijn erfgoed als baanbrekend multifunctioneel horloge. De Explorer II werd op zijn beurt aangedreven door kaliber 3285, een uurwerk waarin de nieuwste technologische ontwikkelingen van het merk waren verwerkt.
2021
Optimale afleesbaarheid
De Explorer en Explorer II waren de eerste Rolex-horloges met een geoptimaliseerd Chromalight-display. Dit nieuwe lichtgevende materiaal, dat werd gekenmerkt door een helderdere witte kleur bij daglicht en een langduriger blauwe gloed in het donker, werd vervolgens geleidelijk aan in de andere modellen van het merk geïntegreerd.