Verschenen in augustus 2016
Leestijd: 5 min

AL TIENTALLEN JAREN IS FILMMAKER, ONTDEKKER EN ROLEX TESTIMONEE JAMES CAMERON DE TROTSE EIGENAAR VAN EEN OYSTER PERPETUAL SUBMARINER.

James Cameron vertelt over zijn passie voor duiken en hoe hij en zijn legendarische horloge onafscheidelijk werden. Hij neemt ons mee naar de bijzondere avonturen die hij meemaakte en die maar voor een enkeling zijn weggelegd - van het verkennen van de diepste oceaan tot het bereiken van het hoogst haalbare in Hollywood.

De Submariner is altijd overal bij geweest, zowel bij mijn werk als diepzee­ontdekker als in mijn filmcarrière. Dit horloge vertegenwoordigt hoe ik wil zijn – sterk en betrouwbaar op de lange termijn, perfectionistisch maar ingetogen, stijlvol maar niet opvallend of lomp, nooit opzichtig maar ook nooit anoniem. En hij houdt van de zee – hij houdt van het water en is niet bang voor een beetje druk. Net als ik.

Als twintiger had ik geen geld maar was ik wel een enthousiaste diepzee­duiker en freediver. Ik wilde niet zomaar een duikhorloge, ik wilde ‘HET’ duikhorloge, het horloge dat de duikers droegen die ik kende en respecteerde. Voordat ik mijn Submariner kocht, wist ik dat die in de duikgemeenschap beschouwd werd als het beste duikhorloge. Als je er een had, betekende dit dat je goed was – dat je een duiker was om rekening mee te houden. Dat voor jou het duiken niet zomaar een hobby was, maar een missie. En dat je een intense en levenslange relatie had met de zee.

“Het was een soort trouwring, een symbool van jouw huwelijk met de zee.”

Vanaf het begin van de duiksport is een duikhorloge altijd al het belangrijkste instrument geweest om jezelf in leven te houden in een wereld die vijandig is tegenover mensen omdat er geen lucht is. Hoe aantrekkelijk die wonder­baarlijke onderwater­wereld ook mag zijn, je kunt er maar een beperkte tijd in doorbrengen. Op een gegeven moment moet je weer terug. En dan vertrouw je op je duikhorloge om je precies te vertellen wanneer dat is.

Ik heb leren duiken in 1970, toen er nog geen duikcomputers waren. Wij leerden de tabellen van de Amerikaanse marine te gebruiken om te weten hoelang we op de bodem konden blijven voordat we te veel stikstof hadden geabsorbeerd en terug moesten. In die tijd dook je met drie instrumenten: een horloge, een dieptemeter en een drukmeter op de tank die je vertelde hoeveel lucht er nog over was. En soms had je ook nog een kompas.

Het leven van een duiker hangt letterlijk af van zijn of haar horloge. Zelfs nu we duikcomputers gebruiken, stel ik nog altijd mijn bezel in als back-up. Computers laten je soms in de steek, maar mijn Rolex niet.

“Als ik hem op een duikdag ’s morgens om mijn pols doe, vormt dat een deel van mijn voorbereidings­ritueel. En een deel van de opwinding te weten dat ik op het punt sta naar een plek te gaan waar niet alleen ik nog nooit eerder ben geweest, maar waar mogelijk nog nooit iemand anders eerder is geweest.”

Toen in 1986 de opnames van Aliens afgerond waren, nam ik voor het eerst sinds ik als filmmaker was begonnen, tijd vrij. Toen ben ik een jaar lang op duiksafari gegaan, om me te verontschuldigen tegenover de oceaan voor het feit dat ik zo lang weg was geweest. Ik had inmiddels wat geld, dus ik kon me nu wel de Rolex Submariner veroorloven die ik altijd al graag had willen hebben. En, met mijn Submariner, trad ik toe tot het rijtje meester­duikers die ik zo bewonderde.

En de rest is geschiedenis. Dat horloge heb ik 26 jaar lang altijd gedragen, behalve als ik sliep, en daarna heb ik nooit meer een ander horloge nodig gehad. In de loop der jaren heb ik diverse mooie horloges cadeau gekregen, maar die liggen allemaal te verstoffen op de kast. Uiteindelijk heb ik maar tegen mijn goede vrienden gezegd dat ze me beter geen horloge konden geven voor mijn verjaardag omdat ik mijn horloge al heb.

Toen ik in 1989 mijn volgende film, The Abyss maakte, kwam ik in contact met mensen uit de hele oceaan­gemeenschap: diepzee­verkenners die een adviesrol hadden bij de film, onderwater­robotica-specialisten die onze op afstand bestuurbare voertuigen leverden, duikboot­piloten die onderzoek deden en de doorgewinterde duikers van ons onderwater-filmteam. Het was dan ook niet verrassend dat de meesten van hen een Submariner bleken te dragen. We hadden allemaal een sterke band met de oceaan en met het diepzeeduiken. En de Submariner vormde het symbool van die club.

Zelf denk ik nooit na over merkloyaliteit. Ik heb geen vast frisdrankmerk, schoenenmerk of automerk. Merken bepalen niet wie ik ben. Zo zie ik de wereld gewoon niet. Als ik echter terugkijk op mijn leven, verbaast het me wel een beetje hoeveel het merk Rolex voor mij heeft betekend.

Te zeggen dat ik loyaal ben tegenover deze horloges is een understatement. Zij zijn juist altijd loyaal geweest tegenover mij en hebben, onder de meest extreme omstandigheden, altijd perfect de tijd voor me bijgehouden. Of dat nou was op de zuidpool, bij het wrak van de Titanic, op de sets van de lastigste speelfilms die ooit gemaakt zijn of op de bodem van de Challengerdiepte, dat maakte niet uit. En die loyaliteit is wederzijds. Als ik een Submariner cadeau geef aan een vriend, of hij nu een duiker is of niet, is dat het grootste compliment dat ik kan geven. Ik werd altijd twee kanten op getrokken - aan de ene kant naar de kunst en het verhaal en aan de andere kant naar de techniek en de natuurkunde. Deze twee passies heb ik met elkaar kunnen combineren door filmmaker te worden: een kunstenaar die op geavanceerde technologie vertrouwt voor zijn kunst. Om een verhaal te vertellen, kan ik gebruik maken van de meest geavanceerde computer­technologieën die er zijn. Zelfs zonder de visuele effecten, worden er bij het maken van films altijd precisie­bewerkings­machines gebruikt – camera's die gebruik maken van de meest verfijnde optica en mechaniek die door menselijke techniek kunnen worden gemaakt.

De technische kant van mijn hersenen houdt van geavanceerde apparatuur zoals een turbomotor, het rotorsysteem van een helikopter of de raketmotor van een ruimtevaartuig. Ik vind het altijd enorm fascinerend dat wij in staat zijn deze precisie­machines te maken die ons vervolgens daar kunnen brengen waar ons lichaam anders niet zou kunnen komen – in het heelal, onder de oceaan of zelfs in hele andere werelden. Als ontdekker vertrouw ik op machines om me in leven te houden onder de zwaarste omstandigheden, diep in de zee waar de extreme druk de sterkste metalen zwaar op de proef stelt. Ik weet dat ik alleen kan overleven door te vertrouwen op de techniek en de nauwkeurigheid waarmee mijn duikmachine gemaakt is.

Echte elegantie is een soort Zen-eenvoud. Bij een duikhorloge heb je een eenvoudig, helder display nodig, omdat je soms honderden meters diep zit, het er donker is, je minder kunt zien door je masker of helm, het water een vertekenend effect geeft, je slecht zicht hebt of zelfs last kunt hebben van het verdovende effect van stikstof­narcose. En ik wil betrouwbaarheid. Ik wil een sterk horloge dat bestand is tegen de lastigste omstandigheden. Ik heb nog nooit problemen gehad bij het aflezen van mijn Submariner, zelfs niet als het donker was, ik slecht zicht had en er sterke stromingen waren. De bezel is groot en makkelijk te draaien, met een inkepingsysteem waar ik op kan vertrouwen. De band is veilig – ik weet dat het horloge nooit van mijn pols af zal komen – en toch is het heel eenvoudig om de band los te maken en de maat snel aan te passen aan mijn duikpak.

Ondanks zijn stoere uiterlijk en zijn duidelijke functie, draag ik mijn Submariner net zo makkelijk naar een chic galadiner of een rodeloper-evenement. Je moet je kunnen aanpassen aan alle sociale lagen zonder je eigenwaarde te verliezen. Mijn Rolex-duikhorloge houdt me met beide benen op de grond.

Mijn Submariner droeg ik zowel in de Mir-duikboten tijdens mijn 33 duiken naar het wrak van de Titanic, als op het podium om de Oscars voor Titanic in ontvangst te nemen.

Zoals ik mij thuis voel in beide werelden, is mijn horloge ook de juiste keuze – en de enige keuze – op zowel de diepste en meest afgelegen plekken op aarde als op een rodeloper-evenement. Ik denk niet dat er een ander horloge ter wereld is, dat in beide werelden zo op zijn plaats is.

Ik voel me verbonden met de Rolex-erfenis door mijn eigen acties als ontdekker, kunstenaar en innovator. Met mijn werk verdien ik een plek tussen de andere dragers van dit horloge, die zoveel opmerkelijke dingen hebben gedaan, in de kunst, in de sport, bij het verkennen van onbekend terrein en in de wetenschappen. Het is een broederschap – en een zusterschap – van prestaties.

En over zusterschap gesproken: ik vind het prachtig hoe het horloge aan de pols van een vrouw staat. Het zegt me iets over die vrouw – dat ze niet bang is om te zeggen dat ze elke taak, elke omgeving, elke uitdaging aan kan. Als ik dit horloge zo op zijn plek zie aan de pols van een sterke, capabele vrouw, besef ik dat het horloge geen waarden vertegenwoordigt die noodzakelijkerwijs mannelijk zijn, maar waarden die menselijk zijn: kracht, integriteit, betrouwbaarheid, stijl en doelbewustheid.

Na mijn rondleiding door de Rolex-gebouwen in Genève een paar jaar geleden, kreeg ik nog meer bewondering voor de wetenschap en technologie die in elk Rolex-horloge gaat. Het zien van het fabricageproces, met zijn waanzinnig hoge eisen voor materialen, precisie-toleranties en verschillende niveaus van kwaliteits­­controle, was verhelderend. Maar wat de meeste indruk op me heeft gemaakt waren de mensen. Het proces waarvan wij denken dat dat zonder emotie wordt uitgevoerd, bleek in werkelijkheid een uiting van wilskracht, doel en passie van de mensen achter deze horloges. Hun trots en toewijding maken deze horloges zo betrouwbaar op het moment dat we ze de wereld in sturen naar de gekste en verste plekken die je maar kunt bedenken.

De Deepsea herdenkings-Rolex die ik nu altijd draag, met zijn D-blue wijzerplaat, herinnert mij, waar ik ook ben of wat ik ook doe, aan een heel bijzonder moment in mijn leven, namelijk het moment dat mijn kleine team van innovators onze DEEPSEA CHALLENGER duikboot bouwde en bestuurde en we onze droom wisten te verwezen­lijken om naar de diepste plek op aarde, de Challengerdiepte, te duiken. Het horloge verbindt me met de nalatenschap van alle andere ontdekkings­reizigers die hun Rolexen naar de verste uithoeken van de wereld droegen, zoals mijn vriend Don Walsh die in 1960 een Rolex naar de Challenger­diepte bracht.

Rolex staat al bijna een eeuw synoniem voor prestaties en exploraties. Ik ben er trots op dat ik een klein deel van deze grote traditie mag zijn.

Deze pagina delen